• Home
  • Redactionele artikelen

Redactionele Artikelen

Deel dit artikel met je vrienden:
Share |

Bestel brochures

Bijdrage van: prof. dr. B. van der Lei, Plastisch chirurg bij Bergman Clinics, het Medisch Centrum Leeuwarden en het Universitair Medisch Centrum Groningen

Buikwandcorrectie


Bij ieder mens zal de contour van de buikwand in de loop der tijd veranderen, een proces wat onontkoombaar is en varieert per individu. Alleen al door het natuurlijk verlies van de elasticititeit van de huid wordt de buikwand slapper. Verder wordt de contourverandering beïnvloed door onder andere lichaamsbouw, lichaamsgewicht (locale of algehele vetophoping) en eventuele zwangerschappen met uitrekken van de rechte buikwandspieren. Bij mensen die erg dik zijn geweest en vervolgens vele kilo’s zijn afgevallen kan zelfs een zogenaamd vetschort ontstaan. Hierbij hangt de uitgerekte huid en onderhuids vetweefsel als een soort schort aan de onderbuik.

auteursfoto_B_van_der_Lei
prof. dr. B. van der Lei, Plastisch chirurg bij Bergman Clinics
Buikwandcorrectie_fig1a
Buikwandcorrectie_fig1b
Buikwandcorrectie_fig1c
Figuur 1 a - c: Voorbeelden van het drietal basisvormen van buikwandplastieken
a. Voorbeeld van buikwandplastiek met een verticaal litteken
b. Voorbeeld van buikwandplastiek met een horizontaal litteken
c. Voorbeeld van buikwandplastiek met combinatie van verticaal en een horizontaal litteken
Buikwandcorrectie_fig2
Figuur 2: Voorbeeld van een moderne buikwandplastiek: een laag dwars litteken onder de bikinilijn met navel fraai gepositioneerd en ingehecht.
Buikwandcorrectie_fig3
Figuur 3: Schematische afbeelding van een liposuctieprocedure van de buikwand. Eerst wordt m.b.v. een speciale canule liposuctievloeistof ingespoten in het te behandelen gebied via kleine steekgaatjes. Daarna wordt via dezelfde steekgaatjes met dunne liposuctiecanules het vet afgezogen.
Buikwandcorrectie_fig4a
Buikwandcorrectie_fig4b
Figuur 4a: Een patiënt met een lokale vetophoping van de buikwand en een goede huidelasticiteit en strakke rechte buikwandspieren: een ideale kandidaat voor een liposculptuur behandeling waarbij m.b.v. zeer dunne liposuctiebuizen het lokale vet wordt weggezogen.
Figuur 4b: Het verkregen eindresultaat 3 maanden na de uitgevoerde liposculptuurbehandeling.
Buikwandcorrectie_fig5a
Buikwandcorrectie_fig5b
Figuur 5a: Een patiënt met een slechte huidelasticiteit en met uitgerekte rechte buikspieren: een kandidaat voor een volledige buikwandplastiek.
Figuur 5b: Het resultaat een jaar na de behandeling
Buikwandcorrectie_fig6
Figuur 6: Schematische afbeelding van een omgekeerde buikwandplastiek. Het litteken loopt hoog dwars onder de borsten door (gestippelde lijn), het weefsel dat verwijderd wordt is grijs gekleurd.
Buikwandcorrectie_fig7a
Buikwandcorrectie_fig7b
Figuur 7a en 7b: Patiënte 3 maanden na de liposuctie abdominoplastiek: hierbij is bijna 4 liter ver weggezogen middels liposculptuur/liposuctie en zo’n 800 gram buikwandweefsel verwijderd; samen veel meer dan bij een gewone buikwandcorrectie en met een vele malen beter resultaat: ook de dikte van de buikwand is enorm afgenomen.

Geschiedenis

De geschiedenis van de buikwandcorrecties begint rond 1900, zowel in Frankrijk als de Verenigde Staten, met het uitvoeren van een eenvoudige buikwandplastiek: overtollige huid werd tezamen met het onderhuidse vetweefsel verwijderd van de buikwand zodat vervolgens op makkelijker wijze een grote navelbreuk gecorrigeerd kon worden. Vervolgens werd deze operatie ook gebruikt
om alleen het uiterlijk aspect van de buikwand te kunnen verbeteren.

In de periode 1900 - 1950 werden vervolgens vele verschillende buikwandplastieken beschreven: deze operaties zijn bijna allemaal terug te leiden tot een drietal basisvormen (Figuur 1a-c): buikwandplastieken met een groot verticaal litteken in het midden van de buikwand (Figuur 1a), (2) buikwand-plastieken met een groot horizontaal (dwars) litteken (Figuur 1b), en (3)  buikwandplastieken met de combinatie van een verticaal en een horizontaal litteken (Figuur 1c).

In de periode 1960-1980 werd de operatietechniek van de buikwandplastiek verfijnd: er ontstond een sterke voorkeur voor een laag dwars litteken onder de bikinilijn, het inhechten van de navel kreeg bijzondere aandacht en men richtte zich op het verkrijgen van goede lange termijn resultaten (Figuur 2).

Met de ontwikkeling van liposuctietechnieken vanaf 1980 zijn de behandelingsmogelijkheden voor correctie van de contour van de buikwand nog verder vergroot en verbeterd: voor lokale vetophoping is liposuctie alleen al vaak voldoende (Figuur 3).

Waarom een buikwandcorrectie

De klachten van een veranderde buikwandcontour verschillen. Soms is het grootste probleem schaamte. Men wordt bijvoorbeeld ten onrechte aangesproken op zwangerschap, men vindt geen passende kleding of geneert zich ten opzichte van de partner. Soms zijn er mechanische bezwaren: kleding knelt, en ook kan er rugpijn bestaan als gevolg van een verkeerde belasting van de lendespieren. Bij een vetschort doen zich soms ook hygiënische problemen voor, zoals het smetten van de huid in de onderbuiksplooi.

Een operatieve correctie van de contour van de buikwand moet vooral niet gezien wordenals een mogelijkheid om af te vallen. Bij overgewicht moet men daarom eerst proberen op een normaal  gewicht te komen, omdat overgewicht de kans op complicaties vergroot en het resultaat van een operatie nadelig beïnvloedt.

Een buikwandcorrectie zal alleen worden uitgevoerd wanneer de plastisch chirurg van mening is dat de klachten die de patiënt heeft zeer waarschijnlijk verholpen zullen worden door de betreffende behandeling, en bovendien de patiënt in een goede lichamelijke toestand verkeert. Welke operatie-techniek zal worden toegepast hangt af van de aard van de klachten en de bevindingen bij lichamelijk onderzoek, de voor- en nadelen van de techniek, de risico’s verbonden aan een bepaalde techniek en de ervaringen van de plastisch chirurg. In sommige gevallen zijn verschillende behandelingsmethoden toepasbaar en wordt de keuze in samenspraak met de patiënt bepaald. Of de patiënt een operatie uiteindelijk ook werkelijk wenst, is diens persoonlijke beslissing.

Contra-indicaties

Iedereen die een grote cosmetische ingreep laat verrichten dient goed gezond te zijn. Ziekten die de kans op complicaties vergroten, zoals bijvoorbeeld ernstig hartlijden, ernstige vormen van astma of CARA, levercirrose, en het noodzakelijk gebruik van bloedverdunnende medicijnen sluiten een ingreep uit.

Voorbereiding op de operatie

Voor de operatie moet men geen bloedverdunnende medicijnen gebruiken. Verder moet men drie tot zes weken voor de operatie met roken stoppen en dit vol houden tot minimaal een week na de operatie. De reden hiervoor is dat nicotinegebruik de kans op stoornissen in de wondgenezing vergroot.

Meest voorkomende technieken van behandeling

In het algemeen wordt de keuze voor een bepaalde techniek van behandeling bepaald door de bevindingen bij lichamelijk onderzoek, waarbij met name gelet wordt op: (1) de elasticiteit van de huid, (2) op de conditie en het aspect van de rechte buikwandspieren en (3) op de mate van lokale vetophoping.

Liposuctie

Bij een patiënt met een goede huidelasticiteit, strakke rechte buikwandspieren en een lokale vetophoping van de onderbuik (zie Figuur 4a) is liposuctie de aangewezen methode van behandeling: hierbij wordt eerst in het te behandelen gebied liposuctievloeistof gespoten en vervolgens wordt met zeer dunne liposuctie-buizen het lokale vet weggezogen (liposculptuur; zie ook Figuur 3). De  risico’s verbonden aan deze behandeling zijn gering, de patiënt heeft vaak postoperatief weinig klachten, het herstel is vlot, en er kan een goed resultaat worden verwacht (zie Figuur 4b). Bovendien kan deze ingreep vaak goed onder plaatselijke verdoving worden uitgevoerd.

Mini-buikwandplastiek

Bij een patiënt met een minder goede huidelasticiteit en minder strakke rechte buikwandspieren in het onderbuiksgebied (het gebied onder de navel) en een zekere vorm van lokale vetophoping is een mini-buikwandplastiek (mini-abdominoplastiek) gecombineerd met liposuctie de aangewezen behandeling. Hierbij wordt de huid en het onderhuidse vetweefsel via een dwarse snede in de onderbuik (onder de bikinilijn) losgemaakt van de buikwand tot aan de navel, worden de twee rechte buikspieren in het midden van de buikwand weer strak naar elkaar toegehecht, en wordt vervolgens de losgemaakte laag strak naar beneden getrokken en, nadat het overtollige weefsel is verwijderd, ingehecht.

Deze behandeling kan verder eventueel gecombineerd worden met een liposuctiebehandeling van lokale vetophopingen in de nabije omgeving (bovenbuik/flank). Het voordeel van deze behandeling is dat deze minder ingrijpend is dan een totale buikwandplastiek, minder littekens geeft (geen litteken rond de navel), en een redelijk vlot lichamelijk herstel laat zien.

Buikwandplastiek

Bij een patiënt met een slechte huidelasticiteit en/of met uitgerekte rechte buikspieren (zie Figuur 5a) is een volledige buikwandplastiek de aangewezen behandeling. Via een dwarse snede onder de bikinilijn wordt de huid samen met het onderhuids vetweefsel losgemaakt van de buikwand tot aan de ribbenboog. De navel wordt losgemaakt van de buikhuid, en de twee rechte buikspieren worden zonodig in het midden van de buikwand weer strak naar elkaar toegehecht. Hierna wordt het overtollige weefsel verwijderd en wordt de wond gehecht. Tenslotte wordt de navel opnieuw in de strak getrokken buikhuid ingehecht (zie Figuur 5b). Deze ingreep kan eventueel ook gecombineerd worden met liposuctie van lokale vetophopingen in de nabije omgeving.

Wigexcisie buikwand

Bij een patiënt met een fors overgewicht die niet in staat is af te vallen maar bij wie smetten van de huid ten gevolge van een vetschort toch veel problemen geeft wordt soms alleen een zogenaamde wigexcisie van de buikwand uitgevoerd. Hierbij wordt, net als bij de eerste buikwandcorrecties uitgevoerd rond 1900, alleen het overhangende vetschort deel verwijderd zonder de overige huid verder los te maken en strak te strekken. Voordeel hiervan is dat er een relatief klein wondoppervlak is met minder kans op complicaties. Nadeel is echter dat de buik verder natuurlijk wel dik blijft en de navel soms mee verwijderd wordt.

Omgekeerde Buikwandplastiek

Soms komt het voor dat na een liposuctie met name de huid in de bovenbuik zich onvoldoende herstelt, waardoor deze te slap blijft en er nog steeds sprake is van een relatief huiden onderhuids weefseloverschot. Wanneer dit een patiënt betreft die reeds in het verleden een borstverkleining heeft ondergaan of een borstvergroting (en dus onder de borsten al littekens heeft), of wie dit eigenlijk liever wil, dan is het ook mogelijk om via een zogenaamde “omgekeerde buikwandplastiek” dit overtollig weefsel te verwijderen (Figuur 6). Via een snede in de bovenbuik onder de borsten
wordt het overtollig weefsel van de bovenbuik verwijderd. De eigen ervaring leert dat dit bij de juiste indicatie en patiëntselectie tot goede resultaten kan leiden.

“Rondje van de zaak” oftewel: total body lift

Wanneer iemand extreem is afgevallen, hetzij op eigen kracht of via een zogenaamde “lapband” procedure (waarbij de maagingang is vernauwd), is een gewone buikwandplastiek niet voldoende om de lichaams- / buikwand contour te herstellen: ook aan de achterzijde (rug en billen) bevindt zich een enorm overschot aan huid en onderhuidse weefsels.

In zo’n geval wordt aan de voorzijde vaak een buikwandplastiek uitgevoerd volgens “Fleurde-Lis”, een combinatie van een buikwandplastiek met een verticaal litteken (Fig. 1a) en een horizontaal litteken (Fig. 1b), waardoor het overschot aan huid en onderhuidse weefsels in zowel horizontale als verticale richting kan worden gecorrigeerd. Aan de achterzijde wordt boven de billen een v-vormige snede gemaakt om ook hier het overtollige weefsel te verwijderen en de billen, die uitgezakt zijn, te liften. Vaak wordt eerst de achterzijde geopereerd, daarna wordt de wond hier gesloten, waarna de patiënt wordt gedraaid en de snedes van achteren worden doorgetrokken naar de voorzijde voor de buikwandplastiek; vandaar de naam “rondje van de zaak”. Dergelijke “total body lifts” zijn zeer grote operaties, die nogal wat bloedverlies en operatie-risico’s met zich meebrengen: derhalve is het zeer raadzaam dergelijke operaties alleen uit te voren in een
regulier ziekenhuis, waar de patiënt ook langer kan blijven dan 24 uur.

Nieuwe ontwikkeling: de liposuctie abdominoplastiek

Een nieuwe ontwikkeling op het gebied van buikwandcorrecties in de afgelopen jaren is de zogenaamde liposuctie buikwandplastiek: hierbij wordt eerst uitgebreide liposuctie uitgevoerd van de gehele buikwand waarna die buikwand correctie plaatsvindt: hetzij met beperkte verplaatsing van de navel, hetzij als een gewone buikwandplastiek met minder losmaken voor maximaal behoud van doorbloeding. Op deze wijze kan zo wel de dikte van de buikwand als het overschot van huid in een keer enorm verbeterd worden (zie foto’s voor en na behandeling Figuur 7a, b). Voor
rokers is deze behandeling niet geschikt omdat met deze techniek bij rokers verhoogde kans geeft op doorbloedingsproblemen (met kans op wondproblemen).

Bij een liposuctie abdominoplastiek wordt bijvoorbeeld eerst 2-4 liter vet afgezogen en daarna de buikwandcorrectie uitgevoerd: het resultaat is dan vaak veel beter dan van een liposuctiebehandeling alleen of van een buikwandcorrectie alleen (zie Figuur 7a, b)

Anesthesie en operatieduur

Een buikwandcorrectie gebeurt meestal onder narcose. Indien alleen liposuctie van de onderbuik plaatsvindt kan dit ook goed geschieden onder plaatselijke verdoving: deze verdoving zit al vaak in de liposuctievloeistof die wordt ingespoten alvorens de liposuctie wordt uitgevoerd. Een dergelijke procedure duurt ongeveer 45-60 minuten. Een mini-abdominoplastiek met liposuctie duurt meestal 60-75 minuten, een totale buikwandplastiek 90-120 minuten, een omgekeerde buikwandplastiek 60-75 minuten, en een “total body lift” 180 tot  240 minuten.

Postoperatief beleid

Na afloop van een liposuctiebehandeling krijgt de patiënt een liposuctiebroek aangelegd. Deze moet tevoren zijn aangemeten en besteld. Deze broek zorgt direct na de behandeling voor een zekere druk op het behandelde gebied waardoor er minder bloeduitstorting optreedt en op de wat langere termijn een meer egale afslanking van het behandelde gebied wordt verkregen. Een dergelijke broek moet men 3-6 weken dragen. Na afloop van een buikwandplastiek en total body lift krijgt men vaak een speciaal korset of een stevige step-in aangemeten, en moet men een of meerdere dagen in bed liggen met de knieën gebogen om de spanning op de wond te verminderen. Men adviseert het korset of de step-in verder gedurende 3-6 weken te dragen, met name wanneer de twee rechte buikwandspieren ook strak aaneen zijn gehecht. Verder worden bij een buikwandplastiek drains in de wond achtergelaten om overtollig wondvocht en bloed uit het wondgebied af te voeren. Deze drains kunnen meestal na twee tot drie dagen worden verwijderd.

Complicaties

Na een liposuctiebehandeling is het ontstaan van enige bloeduitstortingen te verwachten; een fikse bloeduitstorting komt af en toe voor. Wondinfectie komt zelden voor na liposuctie.

Na een buikwandplastiek is het ontstaan van een forse bloeduitstorting ook de meest voorkomende complicatie. Na een buikwandplastiek komen lokale wondinfecties vaker voor (5-7%), kleine wondgenezingsstoornissen zonder veel consequenties komen ook voor. Bij een total body lift zijn er dezelfde complicaties als na een buikwandplastiek, zij het dat ze veel vaker optreden en van grotere aard zijn.

Trombose is een niet vaak voorkomende maar wel potentieel bedreigende complicatie na een buikwandplastiek of liposuctie. De kans op een trombosebeen ligt rond de 1%. Een dergelijke trombose kan leiden tot een longembolie, maar gelukkig komt dit zeer zelden voor.

Uit wetenschappelijke studies is gebleken dat met name overgewicht en roken een risicofactor zijn voor het ontstaan van wondproblemen en het krijgen van een longembolie.

Het te verwachten resultaat

Na een liposuctie kan het behandelde gebied wat tekenen van bloeduitstortingen vertonen, maar deze verdwijnen in de loop van een aantal weken. Na 6 tot 12 weken is het eindresultaat goed vast te stellen. Er kunnen geringe verschillen zijn ontstaan in de dikte van het resterende onderhuidse vetweefsel.

De steekgaatjes van de liposuctieprocedure blijven uiteindelijk nauwelijks zichtbaar als een klein litteken. Na een buikwandplastiek is de buik meestal vlak na de operatie. Het horizontale litteken van de onderbuik wordt in het algemeen na enige tijd wat breed, en soms ook wat rood en dik. Later vervlakt en verbleekt dit litteken vrijwel altijd, maar in het algemeen blijft er een zichtbaar litteken over. Het litteken rond de navel is doorgaans onopvallend.

Om het litteken minder lang rood te laten zijn en het risico van verdikking van het litteken te verminderen, kan men het litteken behandelen met siliconenpleisters of insmeren met siliconengel  gedurende minimaal 3 maanden. Na een total body lift heeft men een litteken rondom het lijf en vaak nog een litteken in de middenlijn indien aan de voorzijde een “Fleur de Lis” procedure is uitgevoerd.

Omdat de huid tijdens de operatie over een groot gebied van de buik is losgemaakt, verdwijnt het gevoel in de buikhuid voor een groot gedeelte. Dit veroorzaakt een vreemd gevoel bij het aanraken, maar herstelt zich in de loop van een jaar ten dele.

 
 
Wegwijzer van de Medische Esthetiek
Het complete naslagwerk
 
Klinieken
Bekijk alle klinieken.
 
Specialisten
Bekijk alle specialisten.
 
Aanbiedingen
Bekijk alle aanbiedingen.
 
Redactionele artikelen
Medisch specialisten geven achtergrondinformatie over behandelingen.